|
Biografie
Ferry Wienneke (1929-1988) Johan Friedrich Ferdinand Wienneke II, roepnaam Ferry. Geboren op 7 januari 1929, overleden te Hilversum op 20 februari 1988. Ouders:
Ouders Ferry, gehuwd op 6 april 1922 Uit dit huwelijk werd hun zoon Ferry (moedige beschermer) geboren.
De ouders van Ferry woonden in de Burgemeester Tellegenstraat 57 in Amsterdam. Een wat donker benedenhuis met een kleine tuin waarop een klein schuurtje stond voor de kippen.
In de huiskamer stond een piano, waar Ferry op “studeerde”. Ferry ging gewoon naar school met zijn broodtrommeltje.
Na de lagere school behaalde hij zijn diploma als chemisch analist. Hij nam weinig deel aan het familieleven. Alleen op absolute toppers, zoals bruiloften en verjaardagen van naaste verwanten was hij aanwezig. Direct na zijn schooljaren moet hij in militaire dienst en dat wilde hij niet en hij: "Ik kan geen mensen doodschieten die ik helemaal niet ken, die mij niets gedaan hebben!" Hij was Pacifist, en werdt uitgezonden naar Nederlands Indië. Hij vertrok in 1948 met de Batavia om daar te werken als chemisch analist bij het Eykman Instituut op de afdeling Volksvoeding.
In zijn vrije tijd trad hij daar regelmatig op in diverse lokalen en gelegenheden als pianist met een radio-orkest, en in de kleinste knijpjes en daar waar maar een piano stond zorgde Ferry wel voor de juiste sfeer.
Op 5 april 1949 trouwde Ferry, met de handschoen, met Margaretha Oudeboon, roepnaam Greetje. Met de handschoen trouwen werd in die tijd veel gedaan. “Bij afwezigheid van den bruidegom met een vanwege dezen met volmacht bekleed persoon trouwen; eene herinnering aan den tijd, toen men eene bevoegdheid aan iemand kon overdragen door hem zijn handschoen te zenden. De oorspronkelijke beteekenis gevoelt men thans niet meer, daar men de uitdrukking nu opvat als: niet met ontbloote hand, doch met den handschoen aan trouwen, elkander (namelijk bruid en gevolmachtigde) bij de voltrekking van het huwelijk een gehandschoende hand geven”. In hetzelfde jaar ging Greetje Wienneke-Oudeboon de overtocht maken naar Djakarta met de M.S. Sibajak om bij haar Ferry te zijn.
“De boot is onderweg. Vager en vager tekent de kust tegen den horizont. Op het schip zijn een paar jongen vrouwen met den handschoen getrouwd. Allemaal menschen die een kleine vier weken met elkander verkeer zullen hebben”.
De vijftiger jaren Ferry woonde samen met Greetje aan de Gang Boentoe Gambis 2 in Batavia (later Djakarta). Op 24 mei 1950 werd Robėrt Frank Wienneke geboren om 20.30 uur in het Tjikini ziekenhuis aan de Djalan Trivelli 104 pav.
Omdat de Kolonie, het jaar erop 1951, onafhankelijk werd vertrok het hele gezin naar Amsterdam aan de Valariusstraat, een kleine souterrainwoning. Op 6 januari 1952 werd hier hun tweede zoon geboren Paul Wienneke. Het waren moeilijke jaren. In 1954 verhuisden ze naar Borgerhout in België. Na ongeveer een jaar vertrok Greetje met haar twee zonen alleen naar Nederland. Hun huwelijk was over. Frank Wienneke werd op 1 oktober 1955 aangemeld in het bevolkingsregister van Amsterdam. Na de scheiding vertrok Ferry naar Belgisch Kongo (Afrika), om daar een herhaling van zetten mee te maken. Hier leerde hij de uiterst charmante Française, Bernadette Chaput, kennen. Kort na zijn tweede terugkeer werd zij in de familie geïntroduceerd en daarmee ook de Franse taal, die Ferry overigens uitermate perfect beheerste. Bernadette sprak snel goed Nederlands. In 1959 trouwde Ferry op 21 oktober met Bernadette en ze gingen wonen in Hilversum, aan de Kamerlingh Onnesweg. Met haar kreeg hij vier kinderen. In 1960 op 6 mei werd Catharine geboren. In 1962 op 18 mei Nathalie. Twee jaar later op 29 augustus Vėronique en in 1965 op 5 november Stephane. In die periode trok Ferry zich vaak urenlang terug op het toilet. Hier schreef hij dan teksten.
Op 26 januari 1959 traden Hans Boekhout van
Solingen en ik voor het eerst op als zangduo met gitaar onder de naam:
'The Teenage Brothers'. Ferry was autodidact. Dat wil zeggen dat hij zich het arrangeren en componeren zelf geleerd heeft, met enige hulp. Bernadette hielp Ferry veel, motiveerde en steunde hem. Zij stuurde hem met een broodtrommeltje en een banaan naar de KRO studio’s om daar rond te hangen tot er ergens een pianist uit zou vallen die hij kon vervangen. Zo is het allemaal begonnen. Ferry vond dat erg moeilijk, trots als hij was. Maar hij moest wel, anders zouden mensen hem niet horen spelen en zo leren kennen. Ferry componeerde wel, maar spaarzaam. Zijn geld en zijn werk, zijn kracht, lag in het arrangeren van bestaande muziek en het leiden van orkesten. Hij had natuurlijk ook geen tijd en gelegenheid om kunst te maken. Hij had een gezin met vier kinderen dus moest er gewoon brood op de plank komen. Ook dit huwelijk hield geen stand en in 1972 scheidden Ferry en Bernadette.
De zestiger jaren Begin zestiger jaren waren de ooms en tantes oud geworden. De neven en nichten namen het over. Jan Arendse II richtte de “Nevenclub” op, die maandelijks bij elkaar kwam.
De aankleding met vreemde hoeden, symbolen en rituelen werd pas later herkend als een parodie op de Vrijmetselarij. De “Nichten”, de vrouwen van de neven, waren enigszins jaloers, maar slaagden er niet in deze merkwaardige herensociëteit te dwarsbomen. De club bestond ongeveer 10 jaar. Ook Ferry was lid en had veel plezier in de hernieuwde kennismaking met zijn familie. Het rebelse karakter sprak hem wel aan. Ferry werkte in deze periode voor Basart (muziekuitgeverij), onderdeel van uitgeverij Strengholt, met Guus Jansen en John de Mol Sr. Het bedrijf ontstond in 1928 als boekhandel en uitgeverij. Het beroemdste deel van het concern is in de jaren zestig door John de Mol Sr. opgericht als muziekuitgeverij, annex platenlabel annex mediaproductiebedrijf. Het kantoor zat aan de Leidschegracht 11 in Amsterdam. De samenwerking verliep niet goed en Ferry besloot om voor zichzelf te beginnen. Hij begon met zijn eigen muziekuitgeverij onder de naam “Dirty River Productions”. Het was gevestigd aan de Singel van Amsterdam, boven de bloemenmarkt, vlak bij de Munt. Die gracht stonk, vandaar de bijzondere naam. Hij had twee personeelsleden, een gitarist die musici bij elkaar trommelde als dat nodig was en Jenny, zijn secretaresse. Het was de tijd dat hij veel succes had met een salon-orkestje voor de NCRV-radio, overigens geheel tot zijn eigen verbazing. Er kwamen veel aankomende talenten, ervaren artiesten en ook de niet altijd zo betrouwbare zakenrelaties. In het pand stond een piano en als het even rustig was speelde Ferry wondermooi piano, zonder doel, gewoon muziek maken. Als iemand hem dan vroeg om dat eens op papier te zetten zei hij treurig dat hij daar niets mee kon verdienen. Hij leek altijd te worden opgejaagd door zijn opdrachtgevers. ’s Nachts doorwerken kwam vaak voor. Het was waarschijnlijk zijn levensstijl. De tweede singel van The Emeralds werd in 1960 opgenomen. I'm ready, If You're Willing was een cover van de rock-a-billy hit van Johnny Horton uit 1956 en Why Do You Make Me Cry werd geschreven door Victor en Ferry Kaihatu. Voor de begeleiding zorgde een orkest onder leiding van hun arrangeur Ferry Wieneke. Als reactie op het succes van The Blue Diamonds werd The Emeralds verzocht een Nederlandstalige uitvoering (op tekst van Willy Rex) van het nummer Brigitte Bardot op te nemen. De oorspronkelijke uitvoering was van Jorge Veiga (1960).
De single van de Emeralds kwam evenals de Spaanstalige uitvoering van Digno Garcia in de hitparade terecht. Ferry had de muzikale begeleiding op hun single met de nummers “Nee nee nee nee” en “Brigitte Bardot” uit 1961. Ferry werkte met Johnny Kraaykamp mee aan de single “Milord, uw bad staat klaar” en “Schlafe mein Prinzchen”. Hij had hier de muzikale leiding. Ook werkte hij samen met Anneke van Hoof voor haar singel Hitparade najaar 1960 met de nummers “Les enfants du Pirée” en “Kom, dans met ons mee”. In de periode van 1960 tot en met 1962 worden singles van Carla van Renesse uitgebracht. Carla van Renesse is de artiesten naam van de uit Hoogkerk afkomstige zangeres Jenny Feenstra.
Op de single deed zij de zang met sprookjeskoor en orkest onder leiding van Ferry Wienneke In 1963 en wel op 20, 21 en 22 maart speelde Ferry piano voor de opnames van de Dutch Swing College Band. Hij had meer met hen samengewerkt, o.a. voor “Goes Latin” in 1961 en “At The Jazzband Ball” in 1962. The Jazz in Nederland was in die tijd op een kruispunt beland. Enerzijds was er de invloed van pop en het steeds verder terugzakken van de gevestigde jazzorde. Anderzijds begon een nieuwe revolutionaire stroming te groeien, die tot ver buiten de Nederlandse grenzen zou reiken. Ferry is een paar keer naar Amerika en Brazilië geweest. Hij had in deze periode een fimscore gemaakt voor een parodie op de James Bond film “Diamond Bikini”. Hij bestudeerde de Bondmuziek en draaide de zaken om, om zo een score te krijgen die leek op Bondmuziek. Het was toch origineel en knap in elkaar gezet, volgens hetzelfde stramien. Helaas is dit niet doorgegaan. Op 7 maart 1965 was er het Tv-programma “Een avondje uit met …… Corry”. Dit was een serie programma’s van zangeres Corry Brokken, waarin zij muzikale gasten ontving.
Zo ook de zingmannen. Dit groepje bestond uit Herman Emmink, Wim van der Beek, Wim Scholten, Bert Visser, Dick Doorn, Henk Janmaat en John de Mol Sr. Ze zongen onder leiding van Ferry Wienneke.
Corry Brokken zong met de zingmannen “Zingen”, “South American Joe”, “Yes indeed” en “Voor jou alleen”. Op 8 oktober 1966 arrangeerde Ferry samen met Herman Koot en Bert Paige het volgende programma van “Een avondje uit met ….. Corry”. Ferry maakte in deze periode veel muziekopnamen, o.a. met Karin Kent (Janneke Kanteman). Zij werd begeleid door de Torero’s en maakte de elpee “Dans je de hele nacht met mij”, waarvan de titelsong een nummer één hit werd. Ferry werkte samen met tekstschrijver (dichter en tekenaar) Henk van der Molen en met Frans Mijts die huisarrangeur was van vele artiesten. Op 22 juli 1966 vond in Carré te Amsterdam de premiere plaats van “Dit is theater/Sleeswijk Revue”. Kraaijkamp en De Gooyer treden op met de voorstelling Dit is theater naast Willy Walden en Piet Muijselaar (Snip & Snap). Ferry was hier arrangeur.
In 1966 deed Ferry op de single van Gert & Hermien “Corsica d’ amore” de piano-arrangementen. In 1969 werd “The Dutch Swing College Story 1945-1968” een dubbel-elpee uitgebracht van Philips. Ferry speelde hierop mee op de piano (track D3) en dit werd op 20 maart 1963 te Den Haag opgenomen. In hetzelfde jaar was hij arrangeur van Wilma met “Mein kleine Herzensmelodie”. De producer was Klaus Lorenzen en het werd opgenomen in Hilversum en Hamburg. En op de single van Wilma met “Heintje” en “Kleine Bingo” was Ferry de orkestleider.
De zeventiger jaren Ferry was arrangeur bij Patricia & Hearts of soul. Deze groep bestond uit de zusjes Bianca, Stella en Patricia Maessen die in 1970 meededen aan het Songfestival. Als Hearts of soul wonnen ze met Waterman de Nederlandse nationale finale. Omdat de songfestivalreglementen geen groepen toestonden, trad Patricia als soliste op, met haar zussen in het achtergrondkoor.
Waterman
Wilma Reading met “On Fire”. Het orkest was onder leiding van Ferry Wienneke. Het was een Groovy Dutch Vocal elpee met veel Nederlandse Jazz muzikanten en arrangeurs zoals Dick Bakker, Ferry Wienneke, Cees Smal en Herman Schoonderwalt. Producer was Richard de Bois en engineer was John Sonneveld. De elpee werd opgenomen in de Sound Push Studio’s in Blaricum.
Ferry Wienneke was orkestleider bij de herinneringen aan Dorus/Tom Manders met “die Lijnbaan” (L. Reed). En bij de 30 grootste successen van Dorus stond het orkest onder leiding van Bert Paige, Johnny Holshuysen, Pi Scheffer en Ferry Wienneke. Hij schreef in hetzelfde jaar de tekst en de muziek voor Gert Timmermans met “Jou vergeet ik niet”. De producent was Gert Timmermans zelf. In 1971 werkte Ferry samen met Rick van der Linden (Ekseption) voor de elpee Ekseption.
Hier werkten het Royal Philharmonic Orchestra, leden van een Dutch Chamber Choir, Erik van Lier (trombone) en Tony Vos (alto and saprano saxophone) aan mee. Rick van der Linden produceerde de elpee en conductor van Picadilly Sweet was Ferry Wienneke samen met Rick. De muziek werd opgenomen in Phonogram Studios te Hilversum. Ook was hij in deze periode de orkestleider van de “Zusjes de Roo”, met “Blauwe Korenbloemen”, wat een grote hit werd. Het heeft maandenlang in de Top 40 gestaan. Het andere nummer was “Bij zon en bij regen”, beiden geschreven door Gert Timmerman. Producer was Annie de Reuver. In 1972 op 5 februari was er een Mounties Show waar Ferry aan mee werkte.
In het zelfde jaar was hij orkestleider bij de opnames van Andre van Duin voor zijn elpee “1e LP van Andre van Duin” voor de nummers Angelique (B1), Wonderkind (B3) en Ui goed voor u (B5). Op 21 oktober 1973 overleed de vader van Ferry Wienneke. Op 19 mei 1973 kwam het nummer van Cindy & Bert “Immer wieder Sonntags” uit met muzikale leiding van Ferry Wienneke, A. Holten en J. Halvey). Dit werd nog een keer weer uitgezonden op 1 juli 2001 in het programma Steenentijdperk van de AVRO. Ook was Ferry orkestleider bij Andre van Duin voor de tweede elpee (B2 en B4). De productie was in handen van Bert Schouten en de rest van de nummers waren onder leiding van Harry van Hoof. Ferry had de muzikale leiding voor de elpee “Leve … Gert en Hermien”.
Halverwege de jaren zeventig was Ferry met zijn bedrijf naar Hilversum verhuisd aan de Utrechtseweg 10. Hier had hij midden in de achtertuin een studio. Hier werkte hij samen met diverse artiesten, zoals Margriet Eshuijs en haar band (Hennie Huisman was toen drummer). Maar ook met Massada, Toon Hermans, de broers Hollestelle, Gert & Hermien, Astrid Nijgh, Corrie van Gorp, Andre van Duin, Wim Kersten, Wilma, Conny Stuart, De Emeralds (Ferry en Victor Kaihatu), Powerplay, De Selvera’s (Zusjes Mieke en Selma Jansen) een Nederlandstalig schlagerduo uit Weert, en vele andere.
Met Carlo van Vegt (tektschrijver) werkte hij veel samen voor de Mounties en Andre van Duin. De muzikanten van het Metropole Orkest schnabbelden ook allemaal bij. Schnabbelen wil zeggen dat de muzikanten heel Nederland afreisden naar plekken en gelegenheden om te spelen en hun brood te verdienen. Soms kwamen ze pas midden in de nacht thuis. Met de leden van het Metropole Orkest stelde Ferry zijn studio-orkesten samen. Ferry was een man van de lichte muziek, dat bracht geld op. Er werden heel veel covers gemaakt van Duitse, Engelse, Amerikaanse en Franse liedjes. In 1973 na het Tv-optreden bij de NCRV van Blaasorkest Alpenroos werd er een verzamel-elpee opgenomen door Relight Studio van Ferry Wienneke.
De Relight Studio was een in Hilvarenbeek gevestigde studio voor muziekopnames. Het bedrijf werd rond 1974 gevestigd in de voormalige Hilvaria Studio’s in het grensgebeid met Goirle. De studio was indertijd een van de modernste studio’s ter wereld en trok, naast Nederlandse acts als Golden Earring en Herman Brood, ook veel aandacht uit het buitenland. Onder de bands en artiesten die naar Hilvarenbeek kwamen om platen op te nemen bevonden zich beroemde namen als Cat Stevens, Black Sabbath, Boomtown Rats en Genesis. In 1981 kwam een einde aan de Relight Studio. In het jaar 1974 vonden de opnamen plaats van de elpee van Astrid Nijgh, “Mensen zijn je beste vrienden”. De arrangementen werden gedaan door Dick Bakker, Job Maarse, Ferry Wienneke en Herman Schoonderwalt. Tevens was Ferry gastmuzikant. Producer was Hans van Oosterhout. De opnames vonden plaats op 1, 2, 5, 10 en 14 mei en 19 & 23 april. Ook was Ferry orkestleider en gastmuzikant bij Andre van Duin met “14 Brandnieuwe van Andre van Duin” met medewerking van de Spettertjes en kinderkoor de Blussertjes. Tevens was Ferry orkestleider van de elpee “De tamme boerenzoon + 11 andere knotsgekke nieuwe”. De producer van beide elpees was Bert Schouten. In hetzelfde jaar was hij orkestleider en arrangeur voor Gert & Hermien met hun elpee “Daarom ben ik blij” met als kant 2 “De nieuwe Wereld”. Op 24 januari 1975 vond er een premiere van Mounties Maximaal plaats in Carré te Amsterdam. Ferry had hier de muzikale leiding. Het was een productie van Joop van den Ende Theaterprodukties B.V. Tevens had Ferry Wienneke de muzikale leiding van
Ferry zat ook in de directie en was arrangeur. Hij was arrangeur van Corrie van Gorp met “Me Soezafoon”. Hier schreef hij de muziek voor. “Ik ruik het weer”, hiervan schreef hij de tekst en de muziek. Ook deed hij een bijdrage, muziek/dirigent en tekst, op de elpee van Lars Bergharen “Lady Music” samen met Kurt Feltz. Een jaar later in 1976, op 25 november, was er een premiere van het Toneel POC BV. “ ’t Was de leeuwerik” in het Hofpleintheater te Rotterdam. Ferry had de muzikale leiding. Er werd een singel gemaakt met Wim Kersten met op kant 1 “Ik geef u ’n roos & Er is ’n oud casino plat gegaan”. Kant 2 “Dat heb ik heel m’n leven willen doen & Adieu monsieur, adieu Madame”. De muzikale leiding en het koor was in handen van Ferry. Ferry was in hetzelfde jaar componist en uitvoerende van de elpee van Gert & Hermien “Want een kind is ons geboren”. In 1977 werkte Ferry mee aan de elpee “Vitesse”. Zang en drums Herman van Boeyen (componist), gitaar Rudy de Queljoe, zang en bas André Versluys, zang en gitaar Jan van der Meij, gitaar Henry van Dijk en Ferry Wienneke speelde klarinet in het nummer “Midnight Oil”. Op 3 oktober 1978 had Ferry de muzikale leiding van het Toneel POC BV. “Plaza Suite-prachthotel” in het Nieuwe de la Mar Theater in Amsterdam.
In hetzelfde jaar werkte hij samen met Astrid Nijgh aan een soort carnavalsnummer van De onbekende Nederlander met de nummers “Het Hondenkoor” en “Onze mop”. Het was te zien in “Op losse Groeven” en Astrid Nijgh had zich onherkenbaar verkleed. Het was geproduceerd door Richard de Bois en gearrangeerd door Ferry. “Ferry was dirigent samen met Lidy Peters voor de elpee De bekendste TV-Toppertjes met de nummers “Wickie de Viking” (nummer 5) en “Sesamstraat (Sesame Street), nummer 11. Ook in 1978 werkte Ferry Wienneke en Roelof Stalknecht, samen met Seth Gaaikema aan een musical genaamd “Swingpop” (oktober 1978 tot juni 1979). Ferry was arrangeur en had de muzikale leiding. Evenals in de Faust van Goethe kwam in deze musical de duivel Moenen (Leen Jongewaard) in hoogsteigen persoon naar de wereld. Zijn prooi was dit keer de etalagepoppenontwerper Guido (Robert Long), die niet alleen zijn poppen maar ook de vrouw zelf als een optelsom van maten, vormen en gewichten zag. Een en ander speelde zich af in het etalage poppenfabriekje “Swingpop B.V. “ opgekocht door Amerikanen. Maar in Nederland nog geleid door Meneer Emiel (Lex Goudsmit) en niet te vergeten zijn secretaresse juffrouw Teunissen (Sylvia de Leur). Meneer Emiel, een felle verdediger van de menselijkheid, liet op eigen houtje de steriele Amerikaanse koffieautomaten verdwijnen en stelde weer een echt koffiemeisje aan. Dit zeer tegen de zin van Katja (Nelleke Burg) van Public Relations. Zonder het zelf te weten werd dit simpele Brabantse koffiemeisje (dubbelrol van Nelleke Burg) de tegenspeelster van Moenen, de duivel. Beiden vechten om de gunst van Guido. Hij werd voor een keuze gesteld of van zijn leven een totale egotrip te maken (de duivel bood hem een volmaakte, levende pop aan als levenspartner) of een leven aan te durven in een langdurige relatie met een ander, in dit geval Marieke. Swingpop was een ramp. Sylvia de Leur raakte overspannen, Robert Long weigerde wegens de slechte kwaliteit verder te spelen. In 1979 deed radiopresentator Frits Spits meermalen een oproep om de oude ploeg van Sweet Sixteen weer bij elkaar te krijgen. Dat lukte en 24 van de “oude koorleden” kwamen bij elkaar en zongen een paar liedjes in het Tv-programma “Showroom” van de NCRV. Het reünieoptreden was zo’n succes, dat onder muzikale leiding van Ferry Wienneke (en arrangementen) onder de naam Sweeties een elpee werd opgenomen, getiteld “Cause we were Sweet Sixteen”. Er werden een hoop liedjes uit de oude Sweet Sixteen tijd gekozen en een aantal nieuwe en van al dat materiaal werden medley´s samengesteld. De opnamen vonden plaats in de Wisseloord Studio’s met technicus Janfred Arendsen. Het was een reunie-album van het beroemdste meisjeskoor van Lex Karsemeijer en zijn vrouw Mies.
The Sweeties: Inge Overeem, Sietske Knol, Nicolet van de. Zande, Wilma Langhout, Karin Schlüter, Karen Kevorkian, Alice Clausen, Yvonne van de. Erve, Suzanne Hendriks, Wilma Schotanus, Lisette Rap, Joke van Homeyer, Ruth Rigters, Jettie Wiss, Ineke Rap, Karin Henning, Willeke Alkema, Lenie Dral, Mieke Griek, Lieke Gijzel, Jos Hoekstra, Madeleine Davidson, Florence de Goey en Marthy de Goey. De plaat werd geproduceerd door Peter Koelewijn en bevatte Nederlands- en Engelstalige covers. De elpee verscheen in de zomer van 1979 en werd in een speciaal programma van de EO ten doop gehouden. Tevens was Ferry arrangeur bij Wim Kersten met “Bloemetjesgordijn en 12 andere hele beste van Wim Kersten”. Voor de elpee “Kinderen van Nederland zingen voor de Koningin” was Ferry dirigent en arrangeur. De producer was Rob Schouten. In het voorjaar van 1979 trouwde Ferry met zijn voormalige secretaresse Jenny van Kampen en in hetzelfde jaar werd op 10 juli hun dochter Jennifer geboren. Haar naam is een elegante samenvatting van de ouders Jenny en Ferry. Zij woonden in een huis in Amsterdam, 3 etages hoog. Het leek voortdurend te worden verbouwd. Het was erg mooi en werd steeds mooier. Zeker, maar van een rustig leven was nog steeds geen sprake. Ferry timmerde veel zelf, wat gezien zijn beroep natuurlijk onverstandig was. Van 1979 tot 1987 leidde Ferry Wienneke de NCRV-orkesten “Midinette” en “Het Gouden Regen Esemble”, waarmee hij geregeld op de radio te horen was. Sanny Day kwam zo nu en dan naar Nederland voor radio-opnamen (NCRV) met The Millers of het orkest Midinette van Ferry Wienneke. Ook het programma “Twaalfuurtje” was regelmatig op de radio te horen, waar Ferry Wienneke ook aan deelnam. Dick Passchier presenteerde het programma. Er zijn 350 afleveringen gemaakt tussen 1980 en 1987. Per keer schakelden er zo’n 500.000 luisteraars in, wat nu bijna ondenkbaar is. Het Gouden Regen Ensemble Henk Meutgeert speelde o.a. in het KRO-Huisorkest, in het Gouden Regen Ensemble en in het Metropole Orkest, waar hij tweede pianist was na Dick Schallies. Ook Karen Peterson zat in het Ensemble. De familie van Ferry was hem gaan beschouwen als een verloren zoon die nimmer terug zou keren. Toch deed hij dat, met een perfect gevoel voor timing en theater. Op een familiereünie verscheen het echtpaar plotseling stralend in het morsige zaaltje van Jeugdhonk “De Jol” in de Karel du Jardinstraat in Amsterdam Oud-Zuid. Jennifer lag slapend in zijn armen. De naar schatting tachtig familieleden vielen stil, wat erg ongebruikelijk was. In de periode daarna ging Ferry regelmatig naar het buitenland. Tijdens één van de laatste grote bruiloften had Ferry een barbershop-quartet geformeerd. Dit quartet kon na een halfuur repeteren loepzuiver een lied ten gehore brengen. Aan het eind van de zeventiger jaren bereikte dirigent Dolf van der Linden, van het Metropole Orkest, de pensioengerechtigde leeftijd. Het orkest ging op zoek naar een nieuwe orkestleider. Ferry had vaak als gastdirigent met het Metropole Orkest gewerkt. Hij wilde zo graag de vaste dirigent worden, maar dit is niet gelukt. Toen Dolf van der Linden stierf had Ferry naar de positie gesolliciteerd. Rogier van Otterloo werd uiteindelijk gekozen tot eerste dirigent en begon op 1 september 1980 met zijn functie. Op 29 januari 1988 overleed, op 46-jarige leeftijd, Rogier van Otterloo. Dick Bakker nam het over en werd in 1992 benoemd als chef-dirigent. Ferry had in de jaren ervoor veel samengewerkt met Dick Bakker.
De tachtiger jaren In 1980 werkte Ferry mee als dirigent en arrangeur aan de elpee van Toon Hermans met als naam11 Fonkelnieuwe Feestliedjes + 1 goeie ouwe voor de studio-opnamen van de nummers 1 tot en met 5, 8 en 10. Tevens kon je bij de Live-opnamen van de NCRV-radio, begin jaren tachtig, het liedje “Een dansliedje deint” (De Leur/Van Tol) met orkest Midinette onder leiding van Ferry Wienneke horen. In de uitzending van Radio Rijnmond, aflevering 289, op 11 april 2004 kon je er nog eens van genieten. Ferry was arrangeur voor
Hij produceerde voor de Invaders Steelband.
L 301235 Invaders Steelband -
Manana / Tie A Yellow Ribbon // Invaders - Party Time / I Found A Girl Op 15 juni 1980 was er een Tv-uitzending “Muzikale Hartewensen”, waar de muzikale begeleiding plaats vond door het Metropole Orkest onder leiding van Ferry Wienneke en de Vocal Backing Group door Letty de Jong. Het was een serie programma’s waarin muzikale wensen van Nederlandse artiesten werden vervuld.
Boven van links naar rechts: Donald Jones, Han Dunk, Marcel Tielemans en Mieke Telkamp Beneden van links naar rechts: Ferry Wienneke, Conny Vanden Bos, Eddy Christiani en Therese Steinmetz De eerste uitzending was op 12 oktober 1978 bij de AVRO te zien en was in handen van Bob Rooyens (tekstschrijver, scenarist, producer, regisseur, producent). Op 30 januari 1981 was er een radio-2 uitzending van de NCRV genaamd “Globaal”. Het was een wekelijks programma, gepresenteerd door Gerard van den Berg, waarin de komiek Piet Bambergen centraal stond. Je hoorde een vraaggesprek met hem, mede naar aanleiding van vragen van luisteraars over o.a. de Jordaan waar hij geboren werd, zijn woonplaats de Rijp, het artiestenvak, het vak van diamantair waarvoor hij werd opgeleid, het ontstaan van de Mounties en de lucht “Goeie buren” waarin hij, samen met John Leddy de hoofdrol speelde. In de rubriek “Anderen over ……” sprak Ferry Wienneke over Piet Bambergen. Ferry Wienneke, Orkestleider, heeft 6 jaar met de Mounties voor hun Televisie-shows samengewerkt. Ferry componeerde o.a. liedjes die Piet Bambergen dan moest zingen.
Ferry Wienneke (citaat) uit radioprogramma Globaal: Nou moet je niet denken dat zo’n samenwerking makkelijk was, want daar ging het juist om. Piet was helemaal niet makkelijk. Het is zelfs zo geweest dat toen ik ooit gevraagd werd om die shows te begeleiden ik daar heel blij mee was natuurlijk. Als freelancer ben je blij met een goede schnabbel, en dat was dit, 10 shows per jaar en een groot orkest. Heel leuk om te doen. En ik had iets van “Oh, fijn met de Mounties werken”. En dan werd ik geconfronteerd met het schrijven van die liedjes en dan kwam ik met zo’n liedje en dan moest Piet dan zingen. Hij komt de studio in en die hoorde dat dan en zei van “Nou dat vind ik niks hoor. Dat krijg ik niet uit m’n bek”, en andere meer plastische opmerkingen over het volledig ontbreken van elk talent aan mijn kant. Dat was heel raar voor mij. Dat had ik nog nooit meegemaakt. Ik had dus toen ik die show een paar maanden deed, zo de eerste drie/vier maanden, had ik elke maand meer na elke moeilijkheid, weer het idee van ik schei eruit met die jongens, dit kan ik helemaal niet, niks wat ik doe is goed. Tot ik op een gegeven moment in de gaten kreeg dat die man der bijzonder weinig aan deed eigenlijk. Piet is het grote talent, die drijft op dat talent, en moeiteloos allerlei dingen doet. Maar dan ook vaak alleen proviest. Dus die liedjes dat was altijd iets, ze werden ook eigenlijk op het laatste moment gemaakt. Elke maand was er een productievergadering en daar werd dan in vastgesteld waar dat liedje over moest gaan, dan moest toch die tekst geschreven worden en daar moest dan later een muziekje op. En dus ging er van die maand voorbereiding nogal wat af en dan kreeg Piet vijf dagen van te voren een bandje opdat hij dat thuis kon leren. Maar ja, ze zaten met dat duo overal in het land en hij had ook nog een huishouden, dus dat bandje hoorde hij dus niet. En als hij het al gehoord heeft, dan was het een keer op de autoradio. Dus dan speelde ik een volkomen vreemd liedje voor. En dan dacht hij “Oh dat lukt nooit van ze lang zal ze leve”. En dan zei hij “Dat rotlied kan ik niet zingen”. En dat met veel pijn en moeite werd dat voorgespeeld en voorgezongen en omdat ie dan verschrikkelijk snel van oor is, want dat brengt zijn routine mee en misschien zijn Jordaanse zanginslag, lukte het dan uiteindelijk toch wel en, en niet na uren hoor. Dat ging prima. Dus gecombineerd met het feit dat ik eigenlijk in mijn hoofd had dit doe ik niet langer, ze kunnen van mij het gehakt in, zoals ik dat dan noem, had ik iets van, bij een volgende keer dat ie kwam van “Wat is dit nu weer” dat ik zeg “Joh, misschien is het liedje wel helemaal niks, maar dat is erg jammer, het is gemaakt het staat met het orkest op de band en je zal toch moeten en je moet nou es ophouden met dat gesodemieter. Ik bedoel het kan nog veel sterker, maar dat zal ik dan voor de microfoon niet herhalen. Wat gebeurde er namelijk op dat moment. Ik ben zelf Amsterdammer en van oorsprong, door mijn ouders, Jordaner. Alleen zou ik dan willen zeggen een soort geëvalueerd Jordaner. Dus je hoort het niet in eerste instantie. In eerste instantie kun je dat wat minder horen dan bij Bambergen die dat trouw is gebleven. Toen ik daarmee begon en het dus voor hem een soort herkenbaarheid kwam van hee, dat is dezelfde taal die ik spreek, was het ogenblikkelijk van “Hee eh guppie, eh, worden we kwaad?” en werd het een grap. En toen dat er eenmaal was, toen is het eigenlijk een grap gebleven. Vanaf dat moment was elk liedje waar ik mee kwam, als het nou goed of slecht was, “Joh, wat heb je nou weer voor flauwekul en voor rotzooi gemaakt deze keer en zo”. Maar het was dus in het begin altijd vechten geblazen en later is het vechten plezier geworden en dat gebeurd nog. Want als ik nu een oude vriend tegenkom dan zegt ie “Oh, wat leuk dat ik jou weer eens zie, en wat doe je nu, en hoe is het met je vrouw en kinderen?”. Dat is niet met Bambergen. Hij komt je tegen en zegt van “Eh, ben je een beetje ziek geweest de laatste tijd hee, je ziet er zo afgeknepen uit”. Dat is Bambergen. Daar wil ie mee zeggen van: “Wat tof dat ik je weer eens tegenkom”. In het jaar 1981 was Ferry arrangeur voor de Nederlandse Musical “Amerika Amerika”. Deze musical werd geschreven en gespeeld door Jos Brink en Frank Sanders en componist Henk Bokkinga. Het verhaal speelde zich af in de jaren dertig aan boord van de “Nieuw Amsterdam” op weg naar Amerika. Verder speelden hieraan Annelies Balhan, Fred Butter, Caroline Kaart, Simone Kleinsma, Lucie de Lange, Mary Michon en Barrie Stevens mee. Talentvolle makers. Het publiek is net als bij hun eerste musical Maskerade enthousiaster dan de pers. Hier is ook een elpee van uitgebracht.
In 1981 was Ferry arrangeur voor de elpees
Op 15 mei 1982 overleed de moeder van Ferry. Op de begrafenis hield hij een mooie weemoedige toespraak. In hetzelfde jaar was Ferry dirigent voor de elpees
Ferry componeerde het Smurfen Televisielied “Een Picknick”, gezongen door Connie Vink en een groep smurfen. Dit werd ook uitgebracht in Frankrijk en Duitsland.
Het componeren bleef doorgaan, want in 1983 was er “Les Schtroumpfs” en “The Smurf Champion” by Starland Music. In 1984 was hij arrangeur voor Bulletje en Bonenstaak voor de elpee de Daverende dertien carnaval + 3 extra met “Heie heie heie”, nummer 6. In hetzelfde jaar componeerde hij samen met Gunter Berhle en Jean Frankfurter het album Koulun paras tunti/Das schönste an der schule sind die pausen. Ferry bleef componeren. Hij maakte “The Themesong” van de Snorkels (The Snorks). Een Tv-serie die van 1984 tot 1988 op de buis te zien was.
Ook maakte Ferry Wienneke, samen met Jay Ferne en Richard De Bordeaux, in 1985, de filmmuziek van de Tv-serie Seabert (Bibifoc). Hierin zie je een zeehondje en zijn vriendjes die allerlei avonturen beleven. Een jaar later werd er een elpee gemaakt van “De avonturen van het zeehondje Seabert en zijn vriendjes, deel 1 en 2. Ferry zong samen met Margriet Eshuijs, Jody Pijper, Marian di Giovanni, Rick Beekman mee op deze elpee.
In 1986 bij de live-optredens van de NCRV, het 12-uurtje, waar ook zangeres Jaqueline in zong, speelde het orkest onderleiding van Ferry. In 1987 verhuisden Ferry, Jenny en Jennifer naar Spanje. Hier woonde hij tot aan zijn dood. Ferry Wienneke overleed op 20 februari 1988 om 00.20 uur in een ziekenhuis in Hilversum aan de gevolgen van longkanker. Op 12 augustus 1988 werd de straatnaam van Ferry Wiennekestraat goedgekeurd en op 9 september geplaatst in Rotterdam.
Als omschrijving werd gegeven: Ferry Wienneke, orkestleider, arrangeur en pianist is in 1988 op 59-jarige leeftijd in zijn woonplaats in Hilversum overleden. Hij leidde jarenlang een radio-orkest in Indonesië en van 1979 tot 1987 de NCRV-orkesten “Midinette”en “het Gouden Regen Ensemble”, waarmee hij geregeld op de radio was te horen. Voorts arrangeerde hij voor het Metropole Orkest. Gedurende zij carriere heeft Ferry Wienneke veel beginnende artiesten geholpen. http://www.popinstituut.nl/Encyclopedia/Person.aspx?id=2153&name=Ferry+Wienneke Klik op bovenstaande link voor informatie over Ferry Wienneke.
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||




met moeder op het strand






Carla van Renesse
Corry Brokken met een avondje uit met ........




Gert en Hermien







te Rotterdam